De Nike Shox verscheen in 2000 na zestien jaar ontwikkeling. Ontwerper Bruce Kilgore begon in 1984 met het project, geïnspireerd door sprintatleten op de indoorbaan die leken te stuiteren bij contact met de baan. Nike experimenteerde jarenlang met mechanische kolommen en scharnieren voordat in 1997 de oplossing kwam. De Shox R4 was het eerste model dat op de markt kwam, met vier holle pilaren van polyurethaan onder de hiel. Die pilaren vangen de impact op en geven energie terug bij elke stap, als een soort veersysteem.
Die vier kolommen zijn het hart van het Shox-systeem. Ze drukken samen en veren terug, wat een trampoline-achtig gevoel oplevert dat sterk verschilt van schuimdemping. Het synthetische bovenwerk zit strak en stevig, met een glanzende afwerking die het futuristische karakter benadrukt. Door de hoogte van de kolommen sta je iets hoger dan in een gewone sneaker. De 'R' in R4 staat voor running, de '4' voor het aantal pilaren. Hoewel de schoen als hardloopschoen werd gelanceerd, dragen de meeste mensen hem tegenwoordig als lifestyle sneaker.
De Nike Shox TL is de populairste variant, herkenbaar aan het full-length synthetische bovenwerk met metallic accenten. De Shox R4 blijft dichter bij het origineel uit 2000 met een strakker en sneller profiel. De Shox Ride 2 oogt moderner en past makkelijker bij rustigere outfits. In zwart en zilver is de Shox TL het meest gewild, maar er zijn ook uitvoeringen in wit, rood en diverse andere kleuren. De opvallende hielkolommen trekken altijd aandacht, ongeacht de kleur.
De Shox was in de vroege jaren 2000 een statussymbool, gedragen door atleten en artiesten. Na een paar rustiger jaren bracht Nike de lijn terug als retro-sneaker, met name de TL en R4. Wie meer richting klassieke demping zoekt, vindt dat bij de Nike Air Max 1. De Shox biedt juist dat veerkrachtige, mechanische gevoel dat geen enkel ander Nike-model zo nadrukkelijk heeft.